Esther Quatfass

Krab met rode poten

Het nieuwe leven wekt mij en zegt mij:
‘Ik ben hier in de diepte van jou.’

Klein en pril genesteld 
met vingers en gerei langs je rondingen, je kloven en je haken

en de wind waait
de zee rolt en boldert over ons heen,
terwijl je groeit en bloeit en graait aan dat wat doodgaat
raak je onbeheerst en woekerend overal in mij
tot buiten mij
en in die ander, in de angst voor wat daarna, waar naartoe en hoe?

Door zoetigheid gedijen we en drinkend van de wijn gaan we nog eens dansen in felle stralen van de zon, terwijl ik denk en denk
en doe en doe
om het mooie te behouden
en moegestreden doen we met zijn allen,

maar we weten niet hoe.

Blind ben je, maar wat een kracht je hebt: hoe je geruisloos aan me trekt
naar beneden, struikelend en vallend gaan we, elkaar dragend als een Siamese tweeling

tot het licht dooft en ik niet anders kan dan je haten, want jij

maalt nergens om.

Maar de wind gaat liggen, de zee strijkt neer
en we verdwijnen in het niets dat alles overheerst.

‘Krab met rode poten’ werd genomineerd in 2018 voor de Dubutantenschrijfwedstrijd Editio en NRC Boeken.

Het gedicht is gedoneerd aan KWF Kankerbestrijding.
“Niet te missen: de krab in ons logo. Het woord ‘kanker’ stamt van het Latijnse woord ‘karkinos’ wat ‘krab’ betekent.
In het gedicht ‘Krab met rode poten’ grijpt Esther Quatfass op ontroerende wijze terug naar deze oorsprong. Ze schreef het voor een vriend van haar vader, die aan kanker is overleden. En nu is het ‘voor iedereen’, aldus Esther.”